Vervroegde IVA-uitkering vanaf 2027 fiscaal minder aantrekkelijk

Vanaf 1 januari 2027 verandert de fiscale behandeling van socialezekerheidsuitkeringen die door tussenkomst van de werkgever worden uitbetaald. Over deze uitkeringen wordt dan geen arbeidskorting meer berekend. Dit kan ook gevolgen hebben voor werknemers met een vervroegde IVA-uitkering en daarmee indirect voor hun werkgever.

Wat verandert er per 1 januari 2027?

Op dit moment kan een socialezekerheidsuitkering die via de werkgever wordt uitbetaald, door toepassing van de zogenoemde samenvoegbepaling meetellen bij de berekening van de arbeidskorting.
Vanaf 1 januari 2027 verandert dit. Socialezekerheidsuitkeringen die door tussenkomst van de werkgever worden betaald, tellen dan niet meer mee als loon voor de arbeidskorting.
Aanleiding is een arrest van de Hoge Raad van 15 november 2024. De Hoge Raad oordeelde dat sprake was van een ongerechtvaardigd verschil in behandeling tussen werknemers die hun WGA-uitkering rechtstreeks van UWV ontvangen en werknemers die dezelfde uitkering via hun werkgever ontvangen. Alleen bij de laatste groep kon de uitkering meetellen voor de arbeidskorting.
Het kabinet heeft ervoor gekozen dit verschil weg te nemen door vanaf 2027 ook bij uitbetaling via de werkgever geen arbeidskorting meer over de socialezekerheidsuitkering toe te passen.
De wijziging raakt naar verwachting circa 11.000 uitkeringsgerechtigden. Gemiddeld daalt het netto-inkomen van deze groep volgens het kabinet met circa € 3.000 per jaar. Voor de meerderheid is het effect negatief, maar in bepaalde inkomenssituaties kan de wijziging juist voordelig uitpakken.

Gevolgen voor de vervroegde IVA-uitkering

De wijziging is ook relevant voor de vervroegde IVA-uitkering. Als al tijdens de eerste twee ziektejaren duidelijk is dat een werknemer nu en in de toekomst niet meer kan werken, kan de werknemer vervroegd WIA aanvragen. Bij toekenning ontvangt de werknemer een IVA-uitkering. Tijdens de eerste 104 ziekteweken blijft de werkgever in beginsel verantwoordelijk voor de loondoorbetaling. De werkgever mag de IVA-uitkering echter in mindering brengen op het door te betalen loon. Een vervroegde IVA-uitkering kan daardoor de loondoorbetalingslast van de werkgever verlagen.

Waarom is dit belangrijk voor werkgevers?

Een vervroegde WIA-aanvraag wordt door de werknemer gedaan. Als een vervroegde IVA-uitkering vanaf 2027 tot een lager netto-inkomen leidt, kan dat de bereidheid om zo’n aanvraag te doen verminderen. Ook het kabinet onderkent dit mogelijke effect. Voor werkgevers kan dat financieel nadelig zijn. Zonder vervroegde IVA-uitkering ontbreekt immers de uitkering die tijdens de loondoorbetalingsperiode op het door te betalen loon in mindering kan worden gebracht. Een fiscale wijziging voor de werknemer kan daardoor indirect leiden tot hogere loondoorbetalingskosten voor de werkgever.

Ook bestaande situaties controleren

De wijziging geldt vanaf 1 januari 2027 voor de toepassing van de samenvoegbepaling. Daardoor kunnen ook werknemers die vóór die datum al een relevante socialezekerheidsuitkering via hun werkgever ontvangen, vanaf 2027 met een ander nettobedrag worden geconfronteerd. Werkgevers doen er daarom verstandig aan bestaande situaties tijdig te inventariseren.

Wat kunnen werkgevers nu doen?

Inventariseer bestaande gevallen. Breng in kaart welke werknemers een arbeidsongeschiktheidsuitkering via de werkgever ontvangen en welke vervroegde IVA-uitkeringen in 2027 doorlopen. Informeer werknemers tijdig. Een lager nettobedrag kan onverwacht komen. Tijdige communicatie voorkomt onduidelijkheid. Maak een bruto-nettoberekening. Het effect verschilt per werknemer en kan alleen op basis van de individuele inkomenssituatie goed worden beoordeeld. Neem het netto-effect mee bij vervroegde WIA. Als volledige en duurzame arbeidsongeschiktheid aan de orde is, blijft het zinvol de mogelijkheid van vervroegde WIA te onderzoeken. Vanaf 2027 verdient ook het fiscale effect voor de werknemer aandacht. Onderzoek eventuele compensatie zorgvuldig. Als het nettoverlies een belemmering vormt voor een vervroegde aanvraag, kan worden onderzocht of compensatie door de werkgever mogelijk en wenselijk is. Laat daarbij vooraf de fiscale, arbeidsrechtelijke en uitkeringsrechtelijke gevolgen beoordelen.

Wat kunnen werkgevers nu doen?

De aanpassing van de samenvoegbepaling per 1 januari 2027 is meer dan een technische fiscale wijziging. Werknemers met een vervroegde IVA-uitkering die via de werkgever wordt betaald, kunnen netto minder overhouden. Dat kan de bereidheid om vervroegd WIA aan te vragen verminderen. Voor werkgevers kan dit betekenen dat zij tijdens de eerste 104 ziekteweken een groter deel van de loondoorbetaling zelf moeten dragen. Bij volledige en duurzame arbeidsongeschiktheid is het daarom verstandig niet alleen te kijken naar het recht op vervroegde IVA, maar ook naar de financiële gevolgen voor werknemer én werkgever.

Dit artikel bevat algemene informatie. De fiscale, arbeidsrechtelijke en uitkeringsrechtelijke gevolgen kunnen per situatie verschillen. Laat concrete gevallen daarom altijd individueel beoordelen.

Bronnen

  • Mr. Joop van Zijl, Vervroegde IVA-uitkering wordt vanaf 2027 fiscaal onaantrekkelijk. De werkgever betaalt de rekening, aangeleverd bronartikel, 30 juli 2026.
  • Staatscourant, publicatie juli 2026.
  • Hoge Raad, 15 november 2024, Wettelijke bepalingen over arbeidskorting discriminerend bij ontvangst WGA-uitkering rechtstreeks van UWV in plaats van via werkgever.
  • Rijksoverheid, 14 maart 2025, Kabinet verandert regels arbeidskorting voor uitkeringsgerechtigden.
  • UWV, Vervroegde WIA (IVA) uitkering aanvragen.
  • Wet op de loonbelasting 1964, in het bijzonder de bepalingen over de arbeidskorting.

Dit artikel is bedoeld als algemene informatie. De fiscale en arbeidsrechtelijke gevolgen kunnen per werknemer en werkgever verschillen. Laat bij concrete situaties altijd beoordelen welke gevolgen de regeling heeft.