Spoor 1 – Re-integratie binnen de eigen organisatie
Spoor 1 is de eerste stap in het re-integratieproces volgens de Wet Verbetering Poortwachter. Het betekent dat de werknemer, bij ziekte of uitval, wordt begeleid naar passend werk binnen het eigen bedrijf. Dit is het uitgangspunt zolang dat mogelijk en verantwoord is.
Wat is het doel?
Het doel van Spoor 1 is dat de medewerker weer duurzaam aan het werk kan in een functie die aansluit bij wat hij (nog) kan – zowel fysiek als mentaal. Denk aan:
- Terugkeer in de eigen functie (als die nog past);
- Een andere functie binnen het bedrijf;
- Omscholing of herplaatsing met ondersteuning van de werkgever.
De focus ligt eerst altijd op terugkeer in de eigen functie binnen de eigen organisatie, daar moeten alle activiteiten op gericht zijn.
| Fase | Wat gebeurt er? |
|---|---|
| Week 6 | De bedrijfsarts maakt een probleemanalyse op basis van je beperkingen. |
| Week 8 | Jij en je werkgever stellen samen een plan van aanpak op. |
| Continu | Je werkgever biedt begeleiding, voert gesprekken, onderzoekt functies en helpt waar nodig met aanpassingen of scholing. |
| Tussentijds | Regelmatige evaluaties zorgen dat het plan actueel blijft. |
| Uiterlijk week 104 | Eindverslag en overdracht naar UWV voor eventuele WIA-aanvraag. |
Wat valt onder re-integratie in Spoor 1?
Alles wat gericht is op werkhervatting binnen het eigen bedrijf, waaronder:
- Terugkeer in de oorspronkelijke functie;
- Werk in een andere (tijdelijke) functie die aansluit bij de belastbaarheid;
- Aangepast werk via jobcarving of jobcreation;
- Scholing of training om de inzetbaarheid te vergroten.
Werk wordt als “passend” gezien als het aansluit bij de vaardigheden en belastbaarheid op dat moment.
Dit moet wel binnen 6 maanden van de resterende wachttijd gerealiseerd kunnen worden.
Wat wordt er verwacht van de werkgever?
De werkgever heeft een actieve rol. Hij/zij moet:
- Passende werkzaamheden aanbieden binnen de organisatie;
- Vacatures onderzoeken en medewerkers laten meedraaien in sollicitatieprocedures;
- Re-integratie als een voortdurend proces blijven volgen, óók bij veranderingen in de belastbaarheid of bedrijfsstructuur;
- Onderbouwen waarom bepaalde functies niet passend zijn (bijv. vanwege loonverlies >35%, overschrijding belastbaarheid, geen realistische opleidingsroute, etc.).
Zelfs bij reorganisatie of inkrimping moet de werkgever actief blijven zoeken naar mogelijkheden.
Jobcarving en Jobcreation
Jobcarving betekent: losse taken uit andere functies bundelen tot een nieuw, passend takenpakket.
Jobcreation betekent: een geheel nieuwe functie creëren, op basis van behoefte binnen het bedrijf én de mogelijkheden.
Beide vormen zijn nuttig als structureel werk (nog) niet haalbaar is, maar wél arbeidsritme of ontwikkeling gestimuleerd moet worden. Belangrijk is dat dit bedrijfseconomisch haalbaar is, en geen nadelige effecten heeft op collega’s.
Werk zonder loonwaarde (arbeidstherapie) mag maximaal vier weken achter elkaar worden ingezet, daarna wordt het door UWV al snel als nieuw bedongen arbeid gezien.
Wat mag van de werknemer verwacht worden?
Ook van de werknemer wordt inzet verwacht:
- Meewerken aan gesprekken, aanpassingen en eventueel scholing;
- Zelf ook actief meedenken of voorstellen doen voor passend werk;
- Meedraaien in interne sollicitatieprocedures.
- De werknemer mag geen herstel belemmerende activiteiten ondernemen die haaks staan op zijn herstelproces.
Kom de werknemer zelf met een goed voorstel voor aangepast werk? Dan moet de werkgever daar serieus naar kijken en het alleen afwijzen met een duidelijke en redelijke onderbouwing.
Voorbeeld uit de praktijk
Stel: een administratief medewerker valt uit door RSI. Tijdens Spoor 1 wordt onderzocht of:
- Terugkeer in de oorspronkelijke functie mogelijk is met ergonomische hulpmiddelen;
- Tijdelijk licht werk of andere taken beschikbaar zijn;
- Er mogelijkheden zijn voor omscholing naar een functie met minder computergebonden taken.
Als uit het onderzoek blijkt dat structurele terugkeer niet haalbaar is binnen het bedrijf, wordt pas dan Spoor 2 opgestart: zoeken naar passend werk bij een andere werkgever.
Tot slot
Spoor 1 blijft leidend zolang er ook maar enige kans is op passende werkhervatting binnen de organisatie. Bij wijzigingen in de belastbaarheid of organisatie moet hernieuwd onderzocht worden of er mogelijkheden zijn.